023 7 600 600 info@nieuwgroenendaal.nl

Een paar kilo’s afvallen kan voor mensen met flink overgewicht het verschil maken tussen wel of niet een chronische aandoening krijgen, zoals diabetes type 2. Om ze daarbij te helpen, komt in 2019 de gecombineerde leefstijlinterventie in het basispakket van de zorgverzekering. Deze combineert aandacht voor gezond eten en lichaamsbeweging.

Doel

‘Het doel is dat mensen zich een gezonder voedingspatroon eigen maken dat voor hen prettig en goed vol te houden is, en dat ze meer gaan bewegen’, zegt Ien van de Goor, hoogleraar effectiviteit individuele preventie bij Tranzo, Tilburg University. ‘Dat kost wel wat meer tijd en aandacht dan één keer veel kilo’s afvallen, waarbij je na een half jaar weer even zwaar of zelfs zwaarder bent.’

Oorsprong in Finland

De oorsprong van de gecombineerde leefstijlinterventie ligt in Finland. In een baanbrekende studie kregen mensen met overgewicht en risicofactoren voor diabetes twee jaar coaching om hun leefgewoonten te veranderen. Na vier jaar bleek hun kans op diabetes 58 procent lager dan in de controlegroep. Een vergelijkbaar programma in de VS bevestigde dit effect. ‘Deze groep wordt nu al tien jaar gevolgd en laat nog steeds grote verschillen zien in de ontwikkeling van chronische ziekten’, vertelt Stef Kremers, hoogleraar gezondheidsbevordering aan de Universiteit Maastricht.

Nederlandse navolging

Het Finse voorbeeld heeft in Nederland navolging gekregen in diverse programma’s. Eén daarvan is de Beweegkuur, ontwikkeld door NISB (nu Kenniscentrum Sport). Een centrale leefstijladviseur – bijvoorbeeld de praktijkondersteuner van de huisarts – coacht deelnemers in gedragsverandering. Daarnaast krijgen zij advies van een fysiotherapeut en een diëtist, deels in groepsbijeenkomsten.

Erkende interventie

Uit onderzoek van Kremers en zijn collega’s, gesubsidieerd door ZonMw, blijkt dat deelnemers aan de Beweegkuur gemiddeld ruim twee kilo afvallen. Bovendien veranderen ze hun voedings- en beweegpatroon. Dat laatste vindt Kremers het meest interessant, ‘want alleen volgehouden gedragsverandering leidt tot volgehouden gewichtsverlies’. Het onderzoek leverde de Beweegkuur het predicaat op van ‘erkende interventie’, een voorwaarde voor eventuele vergoeding vanuit de zorgverzekering.

De studie naar de Beweegkuur laat ook zien wat de uitvoering succesvol maakt. Een belangrijke factor is de coachingstijl van de leefstijladviseur, concluderen de onderzoekers uit observaties en zelfrapportages. Die bepaalt of de adviseur deelnemers warm krijgt voor verandering. ‘Vaak coachte men te veel op extrinsieke motivatie’, zegt Kremers. ‘Deelnemers gingen zich dan gezond gedragen omdat de leefstijladviseur zei dat het goed voor ze was. Intrinsieke motivatie werkt veel beter: dat mensen het zélf willen of het bijvoorbeeld leuk vinden ergens naartoe te fietsen. Die omslag bereiken is niet makkelijk, maar je kunt daarvoor gesprekstechnieken leren.’ De Beweegkuur is inmiddels aangepast: de centrale adviseur moet de competenties hebben van hbo-leefstijlcoach.

Multidisciplinaire aanpak

Kremers en Van de Goor vinden het terecht dat de gecombineerde leefstijlinterventie in het basispakket komt. Van de Goor: ‘Mensen die overgewicht hebben staan vaak ver af van wat wordt gezien als een gezondere leefstijl. Ze zijn niet opgegroeid met aandacht daarvoor en ze zitten vaak in moeilijke situaties. Gezonder leven komt bij hen niet van de grond met alleen advies van de huisarts. Iemand die op hun lijn zit, eventueel samen met een groep, kan ze helpen wél stapjes te zetten.’ De multidisciplinaire aanpak dicht de kloof tussen zorg en preventie, stelt Kremers. ‘De leefstijlcoach heeft een belangrijke makelaarsfunctie tussen zorgverleners en preventiewerkers zoals de buurtsportcoach. Dat contact komt tot nu toe zelden van de grond, terwijl we weten hoe belangrijk het is.’

Alert op leefstijl

Kremers verwacht dat het effect van de interventie alleen maar zal toenemen, doordat in medische opleidingen meer aandacht komt voor leefstijl en coachingsvaardigheden. ‘Nieuw afgestudeerde huisartsen zijn alerter op leefstijl. Zij zullen mensen beter kunnen begeleiden en verwijzen naar gecombineerde leefstijlinterventies in hun regio.’

Bron: Mediator, ZonMw